Goed bestuur en toezicht van instellingen: algemeen overleg (AO) Minister van VWS met de Vaste Commissie voor VWS van de Tweede Kamer op 11 juni 2015

In het vorige bericht over het onderzoek “maatwerk in medezeggenschap” gingen we al in op dit overleg. Het overleg ging niet alleen over dit onderzoek, maar over talloze onderwerpen die met goed bestuur en toezicht te maken hebben en die ook aan de orde waren in de brief van 22 januari 2015 (zie onder onderwerp medezeggenschap van deze site van VraagRaak/KansPlus). Het gaat dan om onderwerpen als belangenverstrengeling, bestuurlijke aansprakelijkheid, onder toezicht stelling instellingen, inkomens bestuurders, toezicht op de kwaliteit van de zorg, toetsingsinstrument van IGZ en NZA over goed bestuur en toezicht, governancecode zorgsector, etc. Ook haar lijnen van 22 januari 2015 zijn door de Minister overeind gehouden en mogelijk volgen er nog kleinere beleidswijzigingen in een nog in te plannen voortgezet AO (waar moties kunnen worden ingediend). De Minister zegde toe dat er eind 2015 een voortgangsrapportage komt over al haar voorstellen en voornemens in de brief van 22 januari jl.

Wij houden u op de hoogte en waar nodig nemen we contact op met Ministerie of Tweede Kamer.

Reactie KansPlus /VraagRaak op Rapport Verwey-Jonker: ‘Medezeggenschap op maat’ en Algemeen Overleg van Vaste Commissie voor VWS van de Tweede Kamer op 11 juni jl.

Onderzoeksrapport ‘Maatwerk in medezeggenschap’ van Verwey Jonker Instituut. Op 11 juni jl. geagendeerd voor het overleg van de Minister van VWS met de Vaste Commissie voor VWS van de Tweede Kamer

In mei jl. zond de Minister van VWS dit rapport aan de Tweede Kamer. De onderzoekers deden op verzoek van het Ministerie van VWS onderzoek naar de wijze waarop vorm en inhoud wordt gegeven aan medezeggenschap van cliënten in de zorgsector. De hoofdvraag was op welke wijze in de praktijk op vorm en inhoud wordt gegeven aan de medezeggenschap van cliënten in de instellingen. Achtergrond was het voornemen om de WMCZ te herzien zodat de herziening optimaal zal aansluiten bij de ontwikkelingen in de zorg en de wijze waarop berokkenenheid medezeggenschap wensen te organiseren: medezeggenschap op maat.

De onderzoekers hebben hiervoor in de verkennende fase oriënterende vraaggesprekken gevoerd met het stakeholders en deskundigen (met name wetenschappers, Landelijke Commissie Vertrouwenslieden, vertegenwoordigers van de landelijke ondersteunende instellingen van cliëntenraden, waaronder Dickie van de Kaa van VraagRaak/KansPlus, en vertegenwoordigers van de brancheorganisaties in de zorgsector). Vervolgens zijn de verdiepende vraaggesprekken gevoerd leden van cliëntenraden, bestuursleden en leden van raden van toezicht (acht in de curesector en zes in de caresector, waaronder twee instellingen gehandicaptenzorg).

Het rapport geeft een beschrijving van de medezeggenschap in de praktijk. Een samenvatting daarvan treft u in het rapport zelf (p.5 t/m 8). Het komt er op neer dat de medezeggenschapspraktijk rijk geschakeerd is. Van alleen formeel via centrale cliëntenraden tot vooral informeel via overleg cliënt/organisatie. Er is een wisselend beeld wat betreft het functioneren van de cliëntenraden. Vele raden voelen zich serieus genomen door de bestuurder, er zijn er echter ook de nodige die het idee hebben achter de feiten aan te lopen omdat zij niet tijdig en voldoende wordt geïnformeerd of omdat er onvoldoende wordt gedaan met de adviezen. In die gevallen ontbreekt het aan een werkbare vertrouwensbasis.

Het onderzoek laat zien dat formele medezeggenschap zorgbreed belangrijk is en dat in aanvulling daarop binnen instellingen aanvullende vormen van informele zeggenschap worden gecreëerd. De onderzoekers concluderen dat de wisselwerking en aansluiting tussen deze twee vormen van cliëntenparticipatie nadere uitwerking en ondersteuning behoeft. En dat beide varianten in een legitieme behoefte voorzien. Zij kunnen elkaar ook versterken door een verbinding of wisselwerking aan te brengen tussen beide vormen. Cliëntenraden zouden daar het voortouw in kunnen nemen. In samenwerking met het bestuur, bijvoorbeeld door het borgen van de uitkomsten van informeel overleg. Raden van Toezicht zouden een dergelijke ontwikkeling kunnen stimuleren en bewaken.

Daar het onderzoek niet middels steekproeven representatief is voor de cliëntenraden, laat staan voor de cliëntenraden gehandicaptenzorginstellingen) kan niet gezegd worden dat het een precies beeld weergeeft van de werkelijkheid in het land. Je weet niet hoe vaak en hoe weinig de verschillende vormen voorkomen. De onderzoekers noemen het dan ook een kwalitatief onderzoek. Dat neemt niet weg dat het rapport wel een goed beeld geeft van wat voorkomt in het land.

Op donderdag 11 juni jl. was dit rapport geagendeerd voor een algemeen overleg (een zogenaamd AO) van de Minister met de Vaste commissie voor VWS van de Tweede Kamer (samen met een groot aantal andere punten) betreffende goed bestuur. De Minister zag het rapport “als ondersteuning van het door haar voorgestelde beleid op het gebied van medezeggenschap van cliënten, zoals dat is verwoord in de brief over goed bestuur van 22 januari 2015”. De coalitie ondersteunt dit en wij verwachten dat er vooralsnog geen nieuwe beleidslijnen ten behoeve van wijziging van de WMCZ worden ontwikkeld in vergelijking met haar brief van 22 januari 2015 (zie hiervoor onder medezeggenschap van deze site van KansPlus). Zoals bekend is het wetsontwerp ter wijziging van de WMCZ er nog steeds niet. Wel heeft de Minister aangegeven dat voor de zomer van 2016 (!) het wetsontwerp zal worden aangeboden aan de Tweede Kamer. We zullen dus weer lang geduld moeten hebben in dit al jarenlang slepend proces van versterking van de positie van cliëntenraden. Ondertussen zullen we het dus moeten doen met de bestaande wettelijke mogelijkheden (die al best veel mogelijkheden geven medezeggenschap te realiseren). Wel wilde de Minister haast maken met het regelen van een vast scholingsbudget voor cliëntenraden.

Afgesproken is nog wel op 11 juni jl. dat er een nog zogenaamde “verlengde AO” komt, maar dan plenair in de Tweede Kamer. Dan kunnen er moties worden ingediend door de verschillende fracties die weer besproken worden met de Minister. Zoals gezegd verwachten wij geen zware veranderingen meer in vergelijking met de beleidslijnen van 22 januari jl. Maar niet uitgesloten is dat er toch nog enkele moties door de Tweede Kamer worden aangenomen die kleinere versterkingen inhouden van de positie van de cliëntenraden. Punt is dan wel dat de Minister ze wil overnemen, het gebeurt immers ook dat aangenomen moties toch niet uitgevoerd worden. Een datum voor de verlengde AO moet echter nog door het Presidium van de Tweede Kamer bepaald worden. Niet in te schatten is wanneer dat zal gebeuren gezien het overladen programma van de Tweede Kamer vlak voor het zomerreces. Wij houden u op de hoogte en waar nodig zullen Ministerie of Tweede Kamer van ons horen.

314045_Medezeggenschap_op_maat_web
http://www.verwey-jonker.nl/publicaties/2015/medezeggenschap-op-maat

Vernieuwingsagenda Wet Langdurige Zorg

Vernieuwingsagenda WLZ

De staatssecretaris bereidt een vernieuwingsagenda WLZ voor. KansPlus,  Belangennetwerk voor mensen met een verstandelijke beperking wil dat er gekozen wordt voor een echte vernieuwing in plaats van slechts marginale bijstellingen in de wet.

De kern van het voorstel dat KansPlus bij het ministerie van VWS heeft ingediend is dat de cliënt meer directe invloed moet krijgen op de inkoop van de zorg door de zorgkantoren. Nu blijft de cliënt in een machteloze positie verkeren waarin de afhankelijkheid van de zorgaanbieder groot is. De beheersmatige cultuur die rondom de cliënt aanwezig is draagt het gevaar in zich dat de kwaliteit van leven van de cliënt aangetast wordt. KansPlus pleit voor een daadwerkelijke vernieuwing waarbij de cliënt sturend is. Door:

  • cliënt gestuurde financiering
  • van zorgkantoor naar cliëntencorporatie
  • marktwerking op kwaliteit
  • scheiden van wonen en zorg
  • kwaliteitsbeleid
  • onafhankelijke cliëntondersteuning

Door het loskoppelen van de inkoop van het wonen en van de zorg ontstaat meer ruimte voor kleinere zorgaanbieders die de cliënten daadwerkelijk centraal stellen en minder geld hoeven te besteden aan overhead.
Persbericht kansPlus ‘Echte vernieuwing WLZ’ 17 juni 2015
Bijlage Vernieuwingsagenda WLZ