KansPlus is kritisch over het wetvoorstel Wet medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen (Wmcz): adders onder het gras voor de VG-sector

In eerdere berichtgeving kon u al lezen over de standpunten van KansPlus inzake het wetsvoorstel Wet medezeggenschap cliënten Zorginstellingen (Wmcz).

Op donderdag 15 februari hebben we in een persbericht twee punten centraal gesteld:

Bij het instellen van lokale raden houdt de wet geen rekening met de VG-sector

Teleurstellend is dat het kabinet het recht op eigen cliënten- en verwantenraden voor kleinschalige voorzieningen ernstig verzwakt heeft. Juist in de VG-sector zijn er veel kleinschalige voorzieningen.

In het wetsvoorstel wordt bepaald dat een instelling voor langdurige zorg meerdere cliëntenraden kan instellen. Het bestuur van de instelling is verplicht dit te doen als er meer dan tien zorgmedewerkers zijn, tenzij dit redelijkerwijs niet van het bestuur verlangd kan worden. Dit “tenzij”  is een belangrijke adder onder het gras. De voorbeelden – in de Memorie van Toelichting (MvT) over die verplichting verwijzen op geen enkele wijze naar kleinschalige voorzieningen, wel naar grootschalige voorzieningen als verpleeghuizen. Zorgorganisaties kunnen dus al snel op basis van de MvT stellen dat het niet redelijk is een lokale cliëntenraad in te stellen. Ook de geschillencommissie kan op het verkeerde been gezet worden door de voorbeelden in de MvT.  Al met al een aanmerkelijke verslechtering voor de VG-sector met veel kleinschalige woon- en activiteitenvoorzieningen. De medezeggenschapsstructuur in onze sector dient te worden opgebouwd vanuit het dagelijkse leven van de cliënt en dient daarom te beginnen bij de lokale cliënten- en verwantenraden. Dit principe dreigt nu onderuit gehaald te worden.

Ondersteuning moet onafhankelijk van de zorgorganisatie kunnen zijn

De wetgever verankert de onafhankelijke ondersteuner van cliënten- en verwantenraden in de wet door vast te leggen dat de kosten daarvan ten laste komen van de zorgorganisatie. Maar ook hier zit een adder onder het gras.

Er wordt bepaald dat het om de kosten gaat die redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor de vervulling van onafhankelijke ondersteuning. Wat is redelijkerwijs? Er kunnen gemakkelijk verschillen van mening ontstaan over de vraag wat onafhankelijk is. Het is van groot belang dat de cliëntenraad geheel vrij is te kiezen uit verschillende alternatieven. Dus ook een bewuste keuze voor een ondersteuner van buiten de zorgorganisatie. De schijn van afhankelijkheid willen veel cliënten- en verwantenraden voorkomen, ook naar hun achterban.

Geschillen in de bekostiging kunnen worden voorgelegd aan de geschillencommissie. Maar de commissie krijgt op basis van de formuleringen in de MvT een te grote ruimte om te beslissen dat een medewerker van de instelling als onafhankelijk gezien kan worden.

Bijlage persbericht: Toelichting reactie KansPlus op wetsvoorstel Wmcz