Wie is de belangenbehartiger
Niet alle mensen met een verstandelijke beperking kunnen zelf hun belangen goed behartigen. Mensen met een lichte verstandelijke beperking kunnen hier zelf een belangrijke eigen rol in spelen. Zeker waar het gaat het om onderwerpen die direct in de levenssfeer van de persoon liggen. Bij complexere onderwerpen is ondersteuning vaak noodzakelijk.
Familie kan een belangrijke rol spelen in de belangenbehartiging. Ouders, en later vaak de broers en zussen, zijn de natuurlijke belangenbehartigers. Van de geboorte tot aan het einde van het leven zijn zij betrokken bij het leven van hun kind, broer of zus. Dit geldt ook voor kinderen van ouders met een verstandelijke beperking.
Om wie gaat het
KansPlus heeft haar basis in de belangenbehartiging voor mensen met een verstandelijke beperking. Maar ook mensen met een cognitieve ontwikkelingsstoornis en niet aangeboren hersenletsel kunnen anderen nodig hebben die hen ondersteunen of vertegenwoordigen. De informatie op deze website kan dan ook voor hen waardevol zijn.

Wat is belangenbehartiging
Belangenbehartiging bestaat uit verschillende aspecten:
De belangenbehartiging vindt plaats op verschillende niveaus:
Samenwerken, coalities sluiten, steun zoeken
Belangenbehartiging hoef je niet alleen te doen. Het is op alle niveaus van belangenbehartiging goed om samen te werken met anderen die in een vergelijkbare positie verkeren. Deze samenwerking kan bestaan uit samen optrekken, maar ook elkaar moreel steunen of elkaar informeren over wat wel of niet werkt. Individueel kunt u steun zoeken binnen uw eigen familie- en vriendenkring, of bij andere ouders van mensen met een beperking, u kunt samen met andere ouders/belangenbehartigers in gesprek gaan bij de zorgorganisatie of de gemeente die verantwoordelijk is voor de zorg, etc.
Belangenbehartiging is vaak een zaak van goede netwerken ontwikkelen en coalities vormen met mensen met dezelfde of vergelijkbare belangen. Anderen kunnen hierin wisselende posities hebben. Zo kunnen de begeleiders van uw verwant het ene moment tegenover u zitten als u iets van hen wilt voor uw verwant, terwijl ze een ander moment uw medestander kunnen zijn om samen bij de zorgaanbieder te pleiten voor meer mogelijkheden om uw verwant te geven wat hij nodig heeft.

